Teeltrotatie en vanggewassen zorgen voor goede nitraatresidu's bij landbouwer Jan Lamberts
Landbouwer Jan Lamberts geniet al enkele jaren van een vrijstelling van de gebiedsgerichte maatregelen door goede nitraatresidu's. Hoe doet hij dat? Wij vroegen het hem op zijn boerderij in Londerzeel.
31 maart 2025

Kan je jezelf even voorstellen?
Ik ben Jan Lamberts en baat een gesloten varkensbedrijf uit met 200 zeugen en gemengde akkerbouw. Ik heb een hoeve-automaat waarin ik onze zelfgekweekte aardappelen verkoop.
Vlaanderen is ingedeeld in vier gebiedstypes. In gebiedstype 0 is de waterkwaliteit goed. In gebiedstype 3 is de waterkwaliteit het slechtst. Waar liggen jouw percelen?
Zo’n 85% van mijn areaal ligt in gebiedstype 1. De overige 15% ligt in gebiedstype 2.
Je ontvangt ieder jaar een bericht over de staalnameperiode van het nitraatresidu. Die stalen worden in de maanden oktober en november genomen om te bekijken hoeveel nitraat er achterblijft in de bodem. Wat doe je daarmee?
Ik kijk eerst: moet ik dit jaar een staal nemen en waar? Ik vind het wel omslachtig om te vinden over welk perceel het gaat. Via de staalnameapplicatie ‘SNapp’ kies ik vervolgens een labo. De kostprijs bedraagt 83 euro per staal. Voor een volledige bedrijfsevaluatie, dat zijn stalen op verschillende percelen van hetzelfde bedrijf, moet je rekenen op 500 à 1000 euro. In MAP 7 zullen er meer stalen genomen moeten worden per perceel. Dit zal dus duurder worden voor mij.
Je haalt al enkele jaren goede resultaten bij de staalnamecampagne. Wat is je geheim?
Goede nitraatresidu's hangen af van veel factoren. Maar ik doe aan teeltrotatie. Ik zaai gerst, tarwe, suikerbieten, korrelmais, wintertarwe,… en wissel ze af.
"Ik heb zelf al ondervonden dat je geen grote hoeveelheden moet opbrengen om een goede opbrengst te hebben."
Gele mosterd voor een laag nitraatresidu
Kan je door je ervaring soms al voorspellen wat de resultaten van de staalname zullen zijn?
Het weer is een cruciale factor. In droge jaren sterft het plantmateriaal af waardoor het geen nutriënten meer opneemt. Dan weet je dat je nitraatresidu hoger zal liggen. Daarnaast vind ik het humusgehalte in de bodem een goede voorspeller. Humus houdt stikstof vast. Op die percelen zullen de resultaten dus slechter zijn.
Heeft je mestsamenstelling invloed op het nitraatresidu?
Ik neem om de drie maanden meststalen om te weten hoeveel fosfor en stikstof er in de varkensmest zit. Ik koop ook fosforarm meel in voor de varkens. Daardoor komt er sowieso al minder fosfor in de mest terecht.
Let je op de hoeveelheid mest die je opbrengt?
Ik heb zelf al ondervonden dat je geen grote hoeveelheden moet opbrengen om een goede opbrengst te hebben. Doorgaans breng ik in het voorjaar wat drijfmest op, aangevuld met een klein beetje kunstmest. En dan bemest ik bij afhankelijk van wat de vrucht nodig heeft. Bemestingsadviezen volg ik wel op, zeker voor suikerbieten en aardappelen. Bladbemesting reserveer ik voor aardappelen. Op tarwe voer ik bijna geen dierlijke mest op.
"Zonder gele mosterd zou ik een hoog nitraatresidu hebben."
Gele mosterd is je favoriete vanggewas. Merk je de positieve gevolgen op het nitraatresidu?
Ik ben een van de weinige landbouwers die vroege aardappelen plant rond deze periode. Ik bemest ze met 100 eenheden stikstof. Na de oogst zaai ik gele mosterd in stroken. Dat wil zeggen dat ik om de paar weken een deel inzaai, afhankelijk van waar de aardappelen al geoogst zijn. De gele mosterd neemt de resterende voedingsstoffen op. Dankzij de gele mosterd schommelde mijn nitraatresidu in het verleden rond de 60 eenheden reststikstof, een goed resultaat voor een nitraatgevoelige teelt zoals aardappelen. Als ik geen gele mosterd zou inzaaien, zou dat ongetwijfeld hoger zijn.
Vrijstelling voor bemestingsreducties
Landbouwers met goede nitraatresidu’s krijgen een vrijstelling van gebiedsgerichte maatregelen. Ervaar je dat als een voordeel?
Ik ben vrijgesteld van de verplichting om vanaf 1 juli mest uit te rijden met erkend mestvoerder voor mijn percelen in gebiedstype 2. Maar ik schakel eigenlijk altijd een erkend mestvoerder in. Op dat vlak blijft het gelijk voor mij. Ik ben ook vrijgesteld van bemestingsreducties in gebiedstype 1 en 2. Dat is een voordeel omdat je meer werkzame stikstof mag opbrengen. Al denk ik dat ik niet in de problemen zou komen mocht de bemestingsreductie wel van toepassing zijn.
Hoe lang heb je al een vrijstelling?
Het is intussen al heel wat jaren. Bij mijn vorige bedrijfsevaluatie, nu drie jaar geleden, was het gewogen gemiddelde nitraatresidu 29 eenheden stikstof per hectare. Ik ben wel een keer mijn vrijstelling kwijtgespeeld. Het was een droog jaar en mijn mais kon onvoldoende nutriënten opnemen, met hoge nitraatresidu’s als gevolg.
Als je iets mocht aanpassen aan de staalnames, wat zou dat zijn?
Naast het nitraatresidu neem ik ook stalen om de fosfaatklasse van een perceel te bepalen. De fosfaatklasse bepaalt mee hoeveel ik mag bemesten op dat perceel. Nu zit er een jaar tussen de resultaten van de staalname en het wijzigen van de fosfaatklasse. Als ik nu voorjaarsstalen neem waaruit zou blijken dat de fosfor laag is, krijg ik pas vanaf 2026 een nieuwe fosfaatklasse op die percelen. Ik had dat graag korter gezien.
Heb je nog een afsluitende opmerking?
Het is wraakroepend dat er zoveel inspanningen gevraagd worden aan de landbouw terwijl er 400.000 huishoudens nog niet aangesloten zijn op riolering. Ook tuinen en sportterreinen worden niet gecontroleerd op bemesting. Nochtans is het een collectieve verantwoordelijkheid van iedereen om de waterkwaliteit te kunnen verbeteren.
Wil je de zelfgekweekte aardappelen van Jan proeven? Kom dan zeker eens langs bij zijn aardappelautomaat.
Door het gewijzigde Mestdecreet wordt het nitraatresidu voortaan gerichter ingezet. De staalnameperiode wordt met twee weken verlengd, de perceelsevaluaties zijn geschrapt en bedrijfsevaluaties gebeuren enkel nog op basis van een risicoanalyse.
Meer informatie over de vrijstelling van gebiedsgerichte maatregelen en nitraatresidu vind je op de VLM-website.